Home » Examencommissie » Compensatie- en herkansingsregeling

Compensatie- en herkansingsregeling 2011-2012

Bachelor Geschiedenis
Bachelor Algemene Cultuurwetenschappen

De regeling geldt vanaf het cohort 2011-2012.

Er worden twee studiefasen onderscheiden:

  • bachelor-1 (BA-1)
  • bachelor-2/3 (BA-2/3)

A. Compensatie

In bachelor-1 en bachelor-2/3 mag een onvoldoende (minimaal een 5.0) worden gecompenseerd met een 7.0 of hoger.

  1. In het BA-1 programma mogen maximaal twee vijven gecompenseerd worden.
  2. In het BA-2/3 programma mogen maximaal twee vijven gecompenseerd worden.
  3. Een onvoldoende voor een vak (min. 5.0) dient gecompenseerd te worden door een voldoende voor één of meer vakken (min. 7.0) waarvoor in totaal minimaal hetzelfde aantal credits is toegekend.
  4. De volgende onderdelen kunnen niet worden gecompenseerd: Bachelor Thesis Class (ACW), Onderzoekscollege (GS), Bachelor Thesis en Stage. Deze onderdelen kunnen ook niet worden gebruikt om onvoldoendes van andere vakken te compenseren.
  5. De compensatie wordt pas toegekend wanneer de student aan alle eisen van de studiefase heeft voldaan op de compensatie na.

B. Herkansingen

  1. In het  BA-1 programma mogen maximaal drie vakken worden herkanst met een maximum van in totaal 20 credits.
  2. In het  BA-2/3 programma mogen maximaal vier vakken worden herkanst met een maximum van in totaal 20 credits. Dit geldt uitsluitend voor vakken die binnen de eigen faculteit (ESHCC) worden aangeboden.
  3. De herkansingsregeling geldt alleen voor schriftelijke tentamens.
  4. Het opnieuw volgen van een vak in een volgend studiejaar- inclusief het afleggen van het bij het vak behorende schriftelijke tentamen - geldt als herkansing.
  5. De bovengenoemde herkansingsregeling kan ook worden aangewend voor vakken waarvoor de student reeds een voldoende eindcijfer heeft behaald, waarbij de regel wordt toegepast dat het hoogst behaalde resultaat geldt.