Compensatie- en herkansingsregeling

Bachelor Geschiedenis
Bachelor Algemene Cultuurwetenschappen

Er worden twee studiefasen onderscheiden:

  • bachelor-1 (BA-1)
  • bachelor-2/3 (BA-2/3)

A. Compensatie

In bachelor-1 en bachelor-2/3 mag een onvoldoende (minimaal een 5.0) worden gecompenseerd met een 7.0 of hoger.

  1. In het BA-1 programma mogen maximaal twee vijven gecompenseerd worden.
  2. In het BA-2/3 programma mogen maximaal twee vijven gecompenseerd worden.
  3. Een onvoldoende voor een vak (min. 5.0) dient gecompenseerd te worden door een voldoende voor één of meer vakken (min. 7.0) waarvoor in totaal minimaal hetzelfde aantal EC is toegekend.
  4. De volgende onderdelen kunnen niet worden gecompenseerd: Bachelor Thesis Class (ACW), Onderzoekscollege (GS), Bachelor Thesis, vakken van het uitwisselingsprogramma en Stage. Deze onderdelen kunnen ook niet worden gebruikt om onvoldoendes van andere vakken te compenseren.
  5. De compensatie wordt pas toegekend wanneer de student aan alle eisen van de studiefase heeft voldaan op de compensatie na.

B. Herkansingen

  1. In het  BA-1 programma mogen maximaal drie vakken worden herkanst.
  2. In het  BA-2/3 programma mogen jaarlijks maximaal drie vakken worden herkanst. Dit geldt uitsluitend voor vakken die binnen de eigen faculteit (ESHCC) worden aangeboden.
  3. De herkansingsregeling geldt alleen voor schriftelijke tentamens.
  4. De bovengenoemde herkansingsregeling kan ook worden aangewend voor vakken met een schriftelijk tentamen waarvoor de student reeds een voldoende eindcijfer heeft behaald, waarbij de regel wordt toegepast dat het hoogst behaalde resultaat geldt.

Bij vragen over de CHR-regel kun je contact opnemen met de studieadviseur.