Zoektocht naar authenticiteit verklaart folk boom

Mumford and Sons, Bon Iver en alt-J: wat verklaart de comeback en huidige populariteit van folkmuziek in Nederland? Die vraag staat centraal in het promotieonderzoek van Niels van Poecke. Volgens hem is de productie, distributie en consumptie van indie-folk resultaat van een zoektocht naar een ‘nieuwe authenticiteit’.

Mumford and Sons (Wikimedia Commons, Andrea Sartorati)

In 2012 werd de Londense band Mumford and Sons uitgeroepen tot de grootste band ter wereld. Van hun tweede album ‘Babel’ werden in de eerste week van de albumrelease al meer dan 1 miljoen exemplaren verkocht, goed voor een nummer 1-notering in de Amerikaanse, Britse en Nederlandse hitparades. Met het succes van Mumford and Sons en gelijkaardige acts als Bon Iver, Edward Sharpe and the Magnetic Zeros, alt-J en Jake Bugg groeide folk muziek in het eerste decennium van dit millennium uit tot een commercieel fenomeen.

Onder de radar

Hoe kunnen we de hernieuwde opkomst en popularisering van folk muziek verklaren? Hoe en waarom kon folk muziek, normaliter een genre dat zich onder de radar van de ‘mainstream’ begeeft, wederom uitgroeien tot een commercieel fenomeen? Dat staat centraal in het promotieonderzoek van Niels van Poecke. Hij voerde hiervoor 48 diepte-interviews met Nederlandse indie-folk muzikanten, gatekeepers (zoals programmeurs, journalisten en eigenaars en/of werknemers van platenlabels) en consumenten.

Ten eerste heeft digitalisering een belangrijke rol gespeeld in de opkomst van nieuwe folk. Opmerkelijk, want folkmuziek wordt van oudsher gezien als de tegenpool van technologische vooruitgang. De opkomst van het internet heeft de drempels verlaagd voor muzikanten om muziek te produceren en voor consumenten om muziek te distribueren via de organisatie van kleinschalige evenementen.

De opkomst van indie-folk wordt mede gedragen door de opkomst van een (online) participatiecultuur. De nieuwe manieren van ‘DIY’-produceren en consumeren sluit naadloos aan bij de ethiek (en esthetiek) van folk, waarin de notie van (publieks)participatie en democratische idealen als egalitarisme en gemeenschappelijkheid altijd centraal hebben gestaan.

Authenticiteit

Daarnaast is volgens Van Poecke de opkomst en hernieuwde popularisering van folk muziek een ‘reflectie’ van veranderingen binnen de samenleving. Hij wijst op de meer algemene zoektocht naar authenticiteit, die ook buiten de popmuziek (film, televisie, literatuur, mode) zichtbaar is. Vergelijk het met de opkomst van de Hipster, de hernieuwde aandacht voor vakmanschap en het biologisch en ecologisch verantwoord produceren en consumeren van levensmiddelen.

Volgens Van Poecke is indie-folk nu onderdeel van de bredere verschuiving van snobisme naar cultureel omnivorisme, als middel om je te onderscheiden van anderen. Producenten, distributeurs en consumenten van Nederlandse indie-folk consumeren enerzijds ‘breed’ (bijvoorbeeld door zowel naar klassieke muziek als naar folk en hip hop te luisteren), maar selecteren binnen deze genres dan wel de meest ‘pure’ of ‘authentieke’ items. Een strategie van distinctie, aldus Van Poecke.

Tenslotte blijkt uit het onderzoek dat indie-folk songs mensen houvast geven in tijden van tegenslag, melancholie en depressie. De teksten gaan vaak over omgaan met ‘tegenslag’ in het leven. En in deze tijden van toenemende flexibilisering van de arbeidsmarkt en geografische (en sociale) mobiliteit komen dat soort ‘discordante’ levensmomenten steeds vaker voor in het leven van individuen, stelt Van Poecke.

Over Niels van Poecke

Niels van Poecke (Terneuzen, 1983) studeerde kunst- en cultuurwetenschappen en filosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Zijn masterscriptie ‘De tragiek van de tragedie (2007)’ werd beloond met de ‘Nationale Popscriptie Prijs 2007’. Na zijn afstuderen werd Van Poecke programmamaker bij Studium Generale van de EUR. Hij is nu docent bij het Department of Arts and Culture Studies aan de Erasmus School of History, Culture and Communication (ESHCC).


Publicatiedatum: 3 november 2017